THE PEOPLE I VISITED

Romania’s Disappearing Rural Life

“Zwaar is het, de heuvel te beklimmen. Zwaar is het, op tijd de aarde te kussen. Zwaar is het, de heuvel achter te laten met de grond die je zo dierbaar is.”

— Ioana


THE PEOPLE I VISITED

Romania’s Disappearing Rural Life

ONGOING PROJECT | 2025 - present

Noot: Met fotoseries uit dit project ben ik bekroond tot People Photographer of the Year bij zowel de International Photography Awards als de Monovisions Awards en eindigde ik als 2nd Place Winner People bij de Budapest Foto Awards.

OVER HET PROJECT. Dit project toont beelden van een Roemenië dat weinig buitenstaanders ooit te zien krijgen. Het documenteert een leven dat velen zouden karakteriseren als een ‘eenvoudig leven’ op het bergachtige Roemeense platteland, waar zelfvoorzienendheid en kleinschalige landbouw centraal staan. De traditionele Roemeense huizen kennen weinig moderne luxe en het Roemeens-orthodoxe geloof speelt in het dagelijkse leven een belangrijke rol.

Terwijl een aanzienlijk deel van de jongere generatie buiten Roemenië een nieuw bestaan opbouwt, rust het zware werk op het platteland op de schouders van een steeds ouder wordende generatie. Hun manier van leven wordt langzaam maar zeker uitgewist.


THE PEOPLE I VISITED: Romania’s Disappearing Rural Life

Florica en haar zus, beiden in rouw, verkopen langs de weg fruit en groente uit hun tuin.

Q & A


Uit de beschrijving van het project komt een sterke maatschappelijke en culturele urgentie naar voren. Kun je die urgentie beschrijven?

Het traditionele plattelandsleven van Roemenië wordt voornamelijk in stand gehouden door de oudere generatie. De jongere generaties vertrekken naar het buitenland of de stad, waardoor het zware, traditionele werk op het land op de schouders van de ouderen rust. Dit is uiteindelijk een eindige situatie. Na het overlijden van de laatste bewoners liggen de huisjes er verlaten en vervallen bij, als stille getuigen van een verdwenen tijd. Nu is het moment om dit vast te leggen.

De foto’s in dit project zijn vaak heel intiem, ze geven je het gevoel een stille toeschouwer te zijn. Hoe kwamen de foto’s tot stand?

Vaak waren de foto’s het resultaat van toevallige ontmoetingen tijdens de vele dagen zwerven over het Roemeense platteland in Maramureș, door het Apuseni-gebergte of de bergen rondom Brașov. Omdat de oudere generatie voornamelijk Roemeens spreekt, een taal die ik niet machtig ben, trok ik op met een Roemeense fotograaf, die tevens als tolk fungeerde. Zijn kennis en kunde was onmisbaar en ik ben hem ontzettend dankbaar, want zonder hem had ik dit project nooit kunnen maken. Ik denk dat ook heeft bijgedragen dat ik oprecht geïnteresseerd ben in dit traditionele leven. Daarnaast reisden wij maar met z’n tweeën en had ik slechts één camera en één lens mee. Dit zorgde ervoor dat het fotograferen heel ongedwongen verliep.

Kreeg je gemakkelijk toegang tot hun erf en huizen?

Ja, want gastvrijheid is in Roemenië nog een belangrijke waarde. Mensen stellen in vergelijking met Nederland, waar ik vandaan kom, verbazingwekkend gemakkelijk hun deuren open, zeker als je daarbij in ogenschouw neemt dat in de communistische tijd zelfs de buren niet vertrouwd konden worden. Roemenen zijn overigens ook geweldige verhalenvertellers en de verhalen van vroeger delen ze graag met je. Die gesprekken vormden een belangrijk onderdeel van het bezoek. Ik heb daar enorm van genoten en heel veel van geleerd.

Je fotografeerde in Roemenië ook mensen die in grote armoede leefden. Waar ligt jouw ethische grens?

Dat is een heel belangrijke vraag. Vrijwel alle mensen die ik fotografeerde, zouden vanuit westers perspectief arm genoemd kunnen worden. Dat wil echter niet zeggen dat zij zichzelf niet kunnen onderhouden. Integendeel, een leven dat veel meer verbonden is met de natuur kan juist veel rijker zijn. Vaak voelde ik veel trots bij deze mensen als ze over hun huis, hun landbouwgrond of hun dieren spraken.

Een enkele keer ben ik bij iemand binnen geweest, waar de armoede echt schrijnend was. Dat zijn bezoeken die een diepe indruk op mij hebben achtergelaten. Hun armoede exploiteren wilden wij absoluut voorkomen. De camera bleef dan in de tas. Bij degenen die ik wél heb gefotografeerd, stond het respect altijd voorop. Juist hen heb ik geprobeerd in zo mooi mogelijk licht te zetten, zodat het heel mooie, liefdevolle portretten werden.

Je hebt het in je projectbeschrijving over een ‘eenvoudig leven’. Mag je dit eigenlijk wel zo noemen?

Zelf zou ik de term ‘eenvoudig’ misschien wel een teken van westerse vooringenomenheid vinden. Het doet ook geen recht aan de levenswijsheid van veel van de geportretteerden. Voor mij is het veel meer een leven dat is teruggebracht tot de essentie. Een essentie die bij velen uit het oog is geraakt. Met essentie bedoel ik dat wat als het erop aan komt werkelijk belangrijk is in het leven, en dat is niet status of bezit. Deze essentie is in onze competitieve en op consumptie en economische groei gerichte maatschappij heel erg op de achtergrond geraakt. ‘Eenvoudig’ leven is voor de meesten niet meer genoeg en tevreden zijn met wat je hebt lijkt welhaast onmogelijk.

Heeft dit project ook invloed gehad op hoe je zelf wil leven?

Jazeker. Lang heb ik erover nagedacht waarom deze reizen naar Roemenië mij telkens zo raken en het antwoord is denk ik dat juist het terugkeren naar de essentie voor mij zo louterend werkt. Telkens als ik terugkom uit Roemenië neem ik mij voor mij te richten op dingen die voor mij werkelijk belangrijk zijn. Als ik dat gevoel in de waan van de dag dreig kwijt te raken, denk ik vaak terug aan dit project.

Als laatste vraag, wat kun je zeggen over de technische aspecten van de foto’s en hoe krijg je die bijna schilderachtige sfeer?

Ik fotografeer uit de hand in M-stand, met gebruikmaking van het natuurlijk licht. De ISO probeer ik te beperken tot een maximale waarde van 1200. Door de donkere omstandigheden moet het diafragma vaak wijdt open (3.2-3.5), terwijl ik wat speel met de sluitertijd en hier weleens de grenzen opzoek. Ik onderbelicht, want ik hou namelijk erg van chiaroscuro, het spel tussen donker en licht, dat je kunt terugvinden in de Nederlandse schilderkunst van de 17e eeuw. Hiervoor is het belangrijk lichtval te begrijpen. Beheers je dit goed, dan krijg je foto’s die sterk doen denken aan Rembrandt, Gerrit Dou en Nicolaes Maes. Toch nog een Nederlands tintje aan mijn Roemeense project!